Hopelijk hoor ik vrolijkheid

Zo middeleeuws, aldus de plastische chirurg. Hij sprak over het pletapparaat, die mammografie, dat dat zo middeleeuws is. “Als mannen hun piemel er tussen zouden moeten leggen om prostaatkanker te controleren, zou er een heel ander apparaat worden uitgevonden.” Zijn woorden, hè! Maar ik dacht het ook weer toen die vrouw zei, sorry, ik moet nog een stuk aanduwen.

Mijn hemel.

Wat een pijn. Mijn nagels staan nóg in mijn bovenbeen om me van de borstpijn af te leiden. De nieuwe borst, zeg maar, is zo stug en nog steeds zo pijnlijk, dat ik van te voren al dacht, dit wordt geen feest. Dus met de fysio besproken, dat ik een dag ervoor al een spiegel moest opbouwen met paracetamol. En ik dacht, met die mindfulness training achter de rug, kom ik die check vast mooi door. Maar geen zen houding kon er wat aan doen. Nouja. Behalve dan gewoon doorademen en doorbijten. Vooral toen bleek dat er per borst twéé foto’s (voorkant en zijkant) en daarna nog één extra (want de borst stond er niet helemaal goed op) moesten worden gemaakt. De verpleegkundige rende letterlijk steeds naar de knoppen omdat ze zei, Oeh, dit moet pijn doen. Sorry! Sorry! Maar goed. Geen twijfel mag er bestaan dus ze moeten het goed doen. Daarna zei ze, terwijl ze haar hand uitstak, de dokter gaat de foto’s bekijken en belt u met de uitslag. “Succes met het verdere traject!” Ik keek even goed of ik iets aan haar gezicht kon zien. Bedoelde ze, succes met de operatie volgende week, want ik zie al dat er niets is? Of bedoelde ze, succes met het traject weer, want ik vrees daar toch iets naars te zien? O, die twijfel! En dan moet je nog door de MRI!

In de MRI “cel”, stond de man klaar die ik de vorige keer ook had. (Is dat een goed teken of een voorteken?) Weer uitkleden, infuus erin na even zoeken en flinke meppen te geven op mijn arm, dan graag dat jasje aan dat op het haakje hangt (“open kant naar voren”) en meekomen alstublieft. Kruip er maar op. (Op de onderzoekstafel.) Dat “kruip er maar op” is altijd een feest. Stijve hark als ik ben, vraag ik me elke keer af hoe mensen van bijvoorbeeld twintig jaar ouder hierop moeten zien te komen. Hoog, smal en glibberig door het gladde papier dat er op ligt.

Een andere verpleegkundige zette me een haarnetje op (geen idee waarom, zeker niet met mijn korte haar) en dan lig je dus op je buik met je twee borsten in de twee gaten, met je infuusarmen boven je hoofd, een harde bult van het apparaat onder je borstbeen waardoor je sowieso niet ontspannen kunt ademen, zetten ze een headphone scheef op je oren, en ga je hup, die smalle turbulentietunnel in. Mijn schouders raakten de bovenkant, zo smal en ik ben niet de dikste. Hoe moeten mensen dit in godsnaam doen met iets meer kilo’s om het lijf.

Daarna vraag je je even niks meer af. De ijzerachtige, keiharde, elektrische geluiden overstemden de muziek uit die scheve headphone en zelfs je eigen angsten. Al wen je zelfs hier weer aan. Na een aantal minuten leek het meer een melodieuze beat te worden die een soort, ja, toch een soort mindfull gemoed oproept. Het ademen werd rustiger, en ik duimde virtueel dat het goed is… alsjeblieft…dat het goed is… En ik moest aan Dirk denken op de gang, omdat ik weet dat hij het geluid daar ook hoort. En dat dat hem beangstigt.

Ook dacht ik, alle triviale zaken en werkzaamheden en gedoetjes zijn zo…triviaal. Zo onbelangrijk. Vanochtend had ik met mijn lieve collega L. gewandeld en die zei heel mooi, over een paar jaar kun je niet meer de datum herinneren van dat personeelsevent dat je hebt georganiseerd, of van die ene persreis, maar wel wanneer je je MRI had, wanneer je geopereerd bent, wanneer je bevallen bent. Dat zijn de echte life events. Dat is waar het om gaat. Zo waar. En daar dacht ik ook aan, terwijl het kabaal om me heen riep te roepen. Trivialiteiten zijn echt onbelangrijk. Daar ga ik nog beter op letten.

Ook dacht ik (want die scan duurt lang genoeg om van alles te bedenken), deze MRI check is dus het nieuwe normaal. Dit hier (hopelijk!) elk jaar liggen, met je haarnetje, je blote borsten, om te zien of het niet toch is teruggekeerd of alsnog is uitgezaaid. Het is toch weer gek te beseffen dat dit er nu voor mij bij hoort. Zoals Dirk zei, het is niet alleen het nieuwe normaal, het is je behandeling.

Nu is het wachten op de uitslag. De dokter belt morgen. Als ik de telefoon opneem en hij zijn naam zegt, weet ik meteen hoe het ervoor staat. Hopelijk hoor ik vrolijkheid. Hopelijk hoor ik daarna, het is goed. Dan voel je je even onoverwinnelijk. Maar ik weet ook dat het een tijdelijk oordeel is, want je krijgt garantie tot aan de deur. Daarna is het weer opnieuw afwachten. Het is geen statisch iets. Het is een nieuwe, dynamische zenuw in mijn lijf, een nieuw onderdeel van mezelf, waarmee ik heb leren te leven. En gek genoeg voelt het nu ook zo dat, als het niet goed is, het toch goed is. Het is sowieso mijn leven waar het hier om gaat en dat zou ik met niemand willen ruilen. Het is al goed. Alleen al dat ik moeder ben van die twee toppers Tijl en Ollie. Dat pakt niemand me af. Ook geen MRI. Dat bedacht ik me ook, tijdens de scan.

 

 

Eén gedachte over “Hopelijk hoor ik vrolijkheid”

  1. Hai Willemijn,

    Ik ben een vriendin van Claire Braam en heb het afgelopen jaar een beetje in hetzelfde traject gezeten (beetje andere volgorde en helaas wel met uitzaaiingen in klieren, maar ja… onwards and upwards!). Je stukjes regelmatig met interesse gelezen en er ook wat van “geleerd”. Zat een paar weken geleden ook weer in die MRI en de beschrijving hierboven had ik zelf kunnen schrijven: zo herkenbaar. En dan vraag ik me ineens af: waarom moeten we EN die mammogram EN de MRI? Op de MRI is toch alles te zien wat ook op de mammogram wordt gezien? En ja, de mammogram moet ik weer in februari en ik zie er erg tegen op… Maar ja, dank voor je leuke schrijfsels en ik wens jou en je familie een fijn 2020 toe! Een nieuw decennium, een nieuw begin: nog meer intens van het leven en onze familie en vrienden genieten!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *