Tijd voor herstel; het zwarte gat

“Honderd procent”, bevestigde mijn dokter V. maanden geleden al het feit dat ik in een zwart gat zou vallen als alles achter de rug zou zijn. Het is niet de vraag of, maar wanneer, zo kreeg ik het mee. Iedereen valt er in. Hij kon het weten.

Je gaat gedurende het hele traject  door veel verschillende fases. Eerst de enorme schrik en het ongeloof, dan de vechterslust (kom maar op, ik ga je pakken – dit zei ik tegen de kanker hè, niet tegen mijn dokter), dan voorzichtige  opluchting hier en daar (in mijn geval) omdat de kuren goed aansloegen, de blijdschap dat de operatie was gelukt en de tumor geheel was verwijderd, de teleurstelling dat de wond maar niet heelde (eerste kennismaking met dat zwarte gat) en daarna weer in de actiestand (houd ik van!) tijdens de vier weken van bestralingen.  Afgesloten met het feestelijke gevoel dat je klaar bent. (Op de – al vaker gezegd – tien jaar hormoonpillen na).

Een rollercoaster!

En aan het eind van die rollercoaster stond ik, vorige week maandag, stuiterend op het schoolplein. Klaar! Yes! Blij! Kijk dan! De zon! Ha! Lente! Ik leef! Het komt goed! Én weer door! Ik zag mijn oncologisch verpleegkundige N. (mede-moeder van een vijfjarige) op het schoolplein, en sprak mijn redelijk hysterische blijdschap uit. O, zei ik, ik kan ook niet wáchten om weer aan de slag te gaan! Haar blije hoofd veranderde direct in een serieuze blik. “Sorry, Willemijn, maar ik ga heel even in mijn rol als verpleegkundige. Je moet écht nog oppassen, en tijd nemen voor herstel! Als je te snel gaat, krijg je alsnog een klap en die is veel lastiger om op te vangen. Je hebt zware kuren gehad en daar moet je echt van bekomen!”

Nu is N. (dat weet ze niet) iemand die ik bloedserieus neem. Ze is eerlijk, slim en weet het. En kent me. Het is heel goed dat er mensen zoals N. (en P. en K. en V., etc) zijn. Ik ging iets meer ingetogen naar huis, met Ollie aan de hand. Er is nog zeker werk te doen: conditie opbouwen (alleen al in de normale zaken van het leven, zoals boodschappen doen, koken, kinderen ophalen, wegbrengen, naar bed brengen, eigen sociale activiteiten), herstellen van de bestralingen (stralingen werken actief nog zeker twee weken door na de laatste sessie), kracht opbouw met fysio en ja … het aangaan van dat zwarte gat.

Na een heel fijn weekend in Parijs met ❤️ Dirk om samen te vieren dat we klaar zijn, stonden we afgelopen maandagochtend om stipt 9.00 uur weer in het ziekenhuis voor een check bij de mamacare verpleegkundige. Kijken naar de borst en mij (en ons) na de bestralingen. Deze bekende en goed bedoelde realiteit was toch weer een klap in ons gezicht. Het ziekenhuis, daar zijn we weer. We hadden het over alles wat goed gaat (veel!), over de borst die nog wat gek aanvoelt, de linkerribben die pijn doen van de bestralingen als ik op mijn linkerzij wil slapen, nog wat ongemakjes waar ik allemaal prima mee kan dealen…en de grote uitdaging, de angst. De slaapontnemende angst.

De tumor is weg, maar blijft dat ook zo in de toekomst? Hoe weten ze dat zeker? Hoe zien ze dat als het niet zo is? Hoe kan ik dat voelen in mijn nieuwe lijf? O, die verterende  angst als die eenmaal opduikt. En ‘s nacht is die nog veel groter en irreëler. Ja, in de nacht van maandag op dinsdag maakte ik dus kennis met dat aangekondigde zwarte gat. Het gat van de angst. Het was al dat ik zaterdag in Parijs in het zonnetje liep en ineens weer die ene eerste zin uit het niets in mijn hoofd hoorde, de zin na de allereerste onderzoeken: “Je hebt borstkanker.” Dirk zei, dat had ik gister ook ineens. De verwerking is begonnen. En de angst hoort daarbij.

Zoals gewoonlijk heb ik al van alles vooraf geregeld en staat er een coach klaar om me hierbij te helpen. Maar ik zal de angst vooral zelf moeten overwinnen, erop moeten kauwen, zodat (dit zei de coach hoor) het van mij wordt. Het is iets wat ik zelf moet aangaan. En waar ik mee moet leren leven. Niet wegstoppen, maar juist er laten zijn. Verstouwen. Dan kan ik (denk ik) juist ook weer ruimte maken voor mooie dingen, nieuwe ervaringen. Ik hoop dat het me zoveel mogelijk lukt om per dag en in het moment te leven. Om er dan op mijn tachtigste  achter te komen, dat het inderdaad bij die ene keer borstkanker is gebleven. De levensveranderende borstkanker waar ik ook zo veel van heb geleerd. (En eerlijk is eerlijk, de kans dat het terugkeert is sowieso onnoemelijk veel kleiner dan dat het niet terugkeert.)

Maar oude gewoontes zijn lastig af te leren, en dus ook mijn enthousiasme om door te gaan, aan te pakken, schouders eronder te zetten. Lieve A. zei vandaag, die eigenschap brengt je ook weer ergens! Ik ga dus nu enthousiast maar dat zwarte gat in. Angst om de angst aan te gaan, heb ik niet. Dat valt weer mee. En misschien valt dat zwarte gat dan ook nog wel mee. Het hoort er in ieder geval bij. Honderd procent. Op naar het oerherstel!

Dirk en ik à Paris!

2 gedachten over “Tijd voor herstel; het zwarte gat”

  1. Wat een heel fijne foto van jullie! Willemijn wat ben je een knapperd. Letterlijk en figuurlijk.

    Ik zou willen zeggen en zingen groots met de zachte g:,
    Geef mij nu je angst, ik geef je er hoop voor terug!!!

    😘😘😘

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *